Bestaan we omdat we denken, of omdat we handelen?


Alledaags, Filosofie / dinsdag, februari 4th, 2025

Een Filosofische Beschouwing over Lichaam en Geest

Moet ik mee met mijn lichaam?

Het is vroeg in de ochtend. Ik lig nog in bed. De honden worden uitgelaten, en dat is het moment dat ik er ook uit moet—onder de douche en aankleden. Als ik daaraan denk, krijg ik ineens het gevoel dat mijn lichaam mij meeneemt.

Mijn lichaam is in staat om handelingen te verrichten: het dekbed van me afslaan, mijn benen uit bed steken, me oprichten. Maar daar zeg ik het al: me oprichten. Ik verwijs naar mijn lichaam, terwijl ik tegelijkertijd ook mijzelf, mijn geest, bedoel. Hoe komt het dat we lichaam en geest als twee aparte dingen ervaren?

Volgens Descartes is het Cartesiaans Ego een denkend wezen, een geest. De mens onderscheidt zich van dieren doordat hij niet alleen als lichaam bestaat, maar vooral als geest. Toch weten we allemaal dat de menselijke geest voortdurend wordt beïnvloed door het lichaam. Is die geest dan misschien ook ‘lichamelijk’ en slechts een chemisch proces?

Descartes redenering omdraaien

Het enige wat waarneembaar is, is gedrag. Wie denkt iets anders te kunnen vinden, komt bedrogen uit. Er is geen bestaan omdat ik denk—geen “Ik denk, dus ik besta” zoals Descartes beweerde. Dat is volgens Gilbert Ryle in The Concept of Mind (1949) een mythe.

Moeten we Descartes’ redenering niet omdraaien? Niet van de betwijfelbare werkelijkheid, het zichtbare, naar het onzichtbare (de geest), maar andersom. Juist van het onzichtbare denken naar het zichtbare handelen. Als we nadenken over onze gedachten, realiseren we ons dat ze ongrijpbaar zijn—en dat we net zo goed heel andere gedachten hadden kunnen hebben.

Of kijk naar mensen met dementie: zij lijken geen gedachten meer te hebben. Bestaan ze dan niet meer? Ze verrichten nog steeds handelingen en reageren op hun omgeving, maar kunnen deze ervaringen niet meer opslaan als herinneringen. Ze verliezen herinneringen die ze ooit hadden. Kunnen we dan concluderen: “Ze handelen, dus ze bestaan”?

Dualistisch lichaam-geestmodel overboord gooien

Op die manier hoeven we niet vast te houden aan een dualistisch lichaam-geestmodel. Het lichaam bestaat omdat het zichtbaar is. Het handelt en reageert op zijn omgeving. Daarnaast slaat het lichaam deze handelingen op als herinneringen—en die herinneringen vormen onze gedachten. Als dat proces stopt, zoals bij dementie, verliest het lichaam een functie, maar de persoon bestaat nog steeds.

Waar kwam dan mijn gedachte vandaan dat, als ik op moet staan, ik mijn lichaam moet volgen, terwijl ik liever nog even blijf liggen? Soms voelt het alsof ik gevangen zit in mijn lichaam. Ik kan er niet van loskomen. Ik moet mee in al die handelingen, herinneringen opslaan, reageren. Maar ik kijk ook naar mijn eigen handelingen en beoordeel ze.

Handelingen die we vaak genoeg uitvoeren, gaan automatisch. Mensen met dementie doen hun handelingen nog steeds, maar zonder erover na te denken. Hun lichaam handelt, maar hun vermogen tot nadenken is verdwenen. Hun geest ligt als het ware nog in bed, terwijl hun lichaam doorgaat. Toch bestaan zij nog steeds.

Share Startlingblog